Verstrekte lening behoort meestal tot privévermogen


Als je als ondernemer een lening verstrekt aan een ander, is in vrijwel alle situaties sprake van een lening in de privésfeer. Immers, als je het geld kunt missen in de onderneming, hoort het geld niet (meer) tot het zakelijk vermogen. Oninbare vorderingen zijn dan ook vrijwel nooit aftrekbaar van de ondernemingswinst.


Ook als je als ondernemer geld leent aan een zakelijke partner in het kader van een zakelijke deal, is de lening niet per definitie zakelijk. Een eventueel verlies op de lening is dan niet aftrekbaar, aldus de rechtbank in Noord-Holland.


Educatie versus entertainment

In deze zaak had een onderneming die educatieve games ontwikkelde, geld geleend aan de ontwikkelaar van entertainment games. De rechtbank vond dat er onvoldoende verband bestond tussen beide activiteiten om de lening als zakelijk aan te kunnen merken. Ook was onvoldoende aannemelijk dat de lening op termijn nieuwe opdrachten zou opleveren. Het verlies op de lening, deze werd grotendeels niet terugbetaald, was dan ook niet aftrekbaar.


Is het dan helemaal niet mogelijk dat een vordering tot de onderneming behoort? En dan een eventueel verlies aftrekbaar is van de ondernemingswinst? Soms is het wel mogelijk.


Normale bedrijfsuitoefening?

Wat zijn de algemene regels als het gaat om een zakelijke lening? Of een lening tot je ondernemingsvermogen behoort, hangt om te beginnen af van de vraag of het verstrekken van een lening tot je normale bedrijfsuitoefening behoort. Dit zal voor de meeste ondernemingen niet het geval zijn.


Verband houden met je activiteiten

Een lening kan ook nog zakelijk zijn als deze verband houdt met de activiteiten van je onderneming. Dit zal je dan hard moeten kunnen maken. In genoemde rechtszaak lukte dit de betreffende ondernemer niet.


Overtollig geld in kas

Ten slotte is het nog mogelijk dat je tijdelijk overtollige liquiditeiten hebt, die je later weer wilt inzetten in de onderneming. Als je die middelen in de tussentijd belegt of uitleent, kan de vordering tot het ondernemingsvermogen blijven behoren. Een eventueel verlies is dan aftrekbaar. Daarbij is van belang dat, als deze worden uitgeleend of belegd, ze weer tijdig in je onderneming beschikbaar zijn. Hiervan is bij risicovolle beleggingen in ieder geval geen sprake. Een verlies is dan niet aftrekbaar.